Menu Gedichten CategorieŽn

DODENHERDENKING

Ratten in 1940-1945

Sorry, een zeer lange Colum als tekstgedicht.
Hopelijk kunt U het grote geduld opbrengen om het te lezen, en uit te lezen.
Zo niet, ach, dan ben ik toch dit EI even kwijt.

Opgedragen aan allen die er nog steeds onder lijden, door het leed, die velen-
hebben geleden, door anderen aangedaan.
Maar wat de ouder heeft bedreven, niet op het kind zijn Conto staat.
Om die wreedheid aan te wenden de redelijkheid te buiten gaat.
Maar..... op 4 mei 1980,

Naar een vergeelde foto kijkend van kinderen in de derde klas.
Daar zit ik naast een oude jeugdvriend wiens Vader ooit aan`t oostfront was.
Die voor de Moffen was gaan vechten voor een Duizendjarig Germaans rijk.
Hun ideaal van Uber Allen, voor Ratten uit vergiftigd slijk.
Maar naast mij in die bank gezeten was die SSer zoon mijn vrind.
Wat kon hem toen worden verweten?! Hij was, als ik, een naief kind.

Die Jeugdvriend kwam mij later vragen met hem naar Duitsland toe te gaan-
om daar familie te bezoeken. Ik had volstrekt geen argwaan.
Die trip kon hij niet zelf betalen. Hij zat niet ruim in slappe was.
Die dienst mijn vriend wilde bewijzen. Ik had vervoer en wat in kas.
Dit zou hij later mij vergoeden. Maar ik was erg op hem gesteld.
Dan speel je graag je Broeders Hoeder. Het sentiment, telt niet het geld.

Maar geen Klootzak kan `t echt weten wat voor `n Zaadcel hem verlaat.
Toch wel de Genen door kan geven. Misschien vol gif. Het zwarte Kwaad.
Want Ratten slechts Ratten verwekken. Nog voor ik het wist was`t gebeurd.
En stond in Duitsland op een Kerkhof, wat nu door mij nog word betreurd-
daar, in postuum, herdenken, eren, bij een goed onderhouden Graf.
En ik die zoon van een SSer tien Duitse marken in handen gaf.

Mij niet bewust wat nog zou komen, uit vriendschap hem tien mark geleend,
maar toen ik zag was hij ging kopen, stond ik op `t Kerkhof als versteend.
Ook in mijn Geest het toen ging spoken. Hier nooit echt bij had stilgestaan.
Mijn geld, in vorm van Rode Rozen. Mijn God, wat had ik toch gedaan?!
Het kwaad zo tastbaar te gedenken lag op een Graf van de SS.
Als Kind dit nimmer kon bevroeden in de derde klas, tijdens een les.

Het slachten Russen, Vrouwen, Kinderen. Stond stram, met arm schuin omhoog.
In giftigzwart doodskop uniformen voor een schuimbekkende Demagoog.
Wat het aan hersens moest ontberen, als Rattenstront in schedel kwam.
Mijn vriend dit nimmer heb vergeven. Mij daarvoor mee naar Duitsland nam?!
Want toch de zoon van die SSer, al vrienden sinds de derde klas,
hiermee al het fatsoen onteerden. De Rat ook in zijn Genen was.

Mijn Vader wenste nooit een Grafsteen. Slechts Aarde had die Mens gewacht.
Maar wel op 4 mei, met MIJN Rozen, daar een SSer werdt herdacht.
Misschien mijn Vader dit zal weten? wat zijn zoonlief daar heeft gedaan.
Die geld voor bloemen had gegeven. Bij `t graf van de SS gestaan.
Terwijl mijn Vader voor zijn kinderen in oorlogsjaren eten zocht-
dit Beest, met nog meer gore Ratten, verwoed voor Satans rijk toen vocht.

Mijn Vaders Graf is al verdwenen.
Nu, na dat jaar negentientachtig, 4 mei het Kerkhof steeds bezocht.
Om daar een kuiltje te gaan graven, voor een fles Wijn, voor Pa gekocht.
Van Wijn en Trijn had hij gehouden. Maar principieel trok hij een streep.
De Haat die Nazi`s toen verspreide had op hem geen enkele greep.
Geen bloemenvracht zijn stijl kan eren. Fascisme kreeg bij hem geen kans.
Tien Duitse marken deed mij leren. Die goed fles Wijn, mijn Vaders Krans.
...................
NB.
Ik wist niet wie daar lag begraven. Dacht dat het om een halfbroer ging.
Als ik dit eerder had geweten me nog liever aan een boom ophing.
Dit voorval heel lang heb verzwegen. Nog steeds word ik zo koud als ijs.
Want voor die tien mark Rode Rozen betaalde mijn geweten de hoogste prijs.
Dit voor het eerst nu wil vertellen. Daarvoor heb ik die uitlaatklep.
Die wat geweten kan ontlasten op 4 mei op Gedichten-web.

Voetnoot:
Dat die Ratten slechts Ratten verwekken, is in de menselijke zin niet geheel juist.
Ik leg hier alleen maar de nadruk op om een gemoedgevoel te beschrijven.
Want in de loop der jaren heb ik toch veel mensen mogen ontmoeten die het slacht-
offer waren geworden van die ellendige tijd 1940-1945, met dezelfde achtergrond-
als mijn z.g.n jeugdvriend en in Hun aard Lieve redelijke Mensen zijn. Als zij zich door-
deze strofe gekwetst voelen, dan daarvoor mijn welgemeende excuus.

Henk.


Ingezonden door: Henk - Datum: 02-05-2010 om 09:09:36

Stemmen

Gemmideld cijfer: 0.0 Aantal stemmen: 0
Login om te kunnen stemmen!

Overig

0 reactie(s)
Stuur naar een vriend(in)