Menu Gedichten CategorieŽn

Delirium

Ik zit totaal stom dronken op `t toilet
en ik denk aan de zin van het leven,
waarom ben ik op de Wereld neergezet?
Want liever was ik, God weet waar, gebleven.
Wat is het nut om op die Kloot te zijn?
Die vraag is me voortdurend aan het kwellen.
En naast me hangt een spin in zijn Web zo fijn.
Zou hij mij de zin hiervan kunnen vertellen?

Het is zo stil in de hete zomernacht
en ik hoor de Muggen giftig zoemen.
De Spin zo geduldig op dit voedsel wacht,
maar geen Mug hem een moordenaar zal noemen.
Want voor dit dier, al is hij nog zo klein,
is moord voor overleving zelfs geboden.
De Dieren ook de enige mensen zijn,
want zonder reden zullen zij echt niemand doden.

De Mug zuigt bloed tot dat me niets meer rest.
Al wat leeft is voortdurend aan het killen.
En de Mug op mijn rug zijn bloeddorst lest,
waarna de Spin hem levend zit te villen.
Mijn God, waar komt die wreedheid toch vandaan?
Want door elkaar hier levend op te vreten,
geen ziel ooit naar de Hemel nog zal gaan,
de hele Schepping door de Duivel is bezeten.

Mijn vaardigheid in kunst is zo beperkt,
want zo'n mooi Web kan ik niet maken.
Waar de Spin toch zo gemakkelijk in werkt,
daar zou ik hopeloos verstrikt in raken.
In het vliegen ook de Mug niet na kan doen,
maar in`t drinken van bloed Haar weet te evenaren.
Slechts om Haar naakt bestaan doet zij zich te goed,
Maar ik zuig bloed om nog meer rijkdom te vergaren.

Zo argeloos zeilde ik dit leven in,
Maar toch moest ik er eerst voor zijn geboren,
om te weten, het heeft allemaal geen zin.
Door hier te zijn, alleen tijd is verloren.
Maar toch, in onzin, een bestaan verdient,
want slechts door leven kwam ik het te weten.
Alleen door hier zijn, toen pas in kon zien,
dat ik de zin hiervan, "te zijn", wel kan vergeten .

Steeds zoek ik naar een reden voor het bestaan.
Waarom verlang ik zo naar bewijzen?
En als heel mijn lijf, maar ziel niet zal vergaan,
laat mij "Hierna" maar door het Universum reizen.
Want als ik eens voorgoed de ogen sluit,
valt heel mijn eeuwigheid meteen in duigen,
als ik in de Hemel op een grote kluit,
met al wat Heilig is, daar eeuwig moet lopen juichen.

De Spin begaat nog gauw even een moord.
Hij vraagt niet naar de zin van zijn leven.
Hij vreet alleen, en zich ook nergens aan stoort
en ook de Mug om alle zin geen barst zal geven.
Terwijl de Spin een Mug langzaam vermaalt,
komt op mijn hand een Mug voor `t Diner zitten.
Daar ik mijn nest in geen honderd jaar nog haal,
blijf ik maar lekker op de Pot zitten, en pitten.

Henk


Ingezonden door: Henk - Datum: 05-01-2008 om 16:43:27

Stemmen

Gemmideld cijfer: 8.0 Aantal stemmen: 2
Login om te kunnen stemmen!

Overig

0 reactie(s)
Stuur naar een vriend(in)